Navigate / search

Stel de mens in plaats van de diagnose centraal

Sommige ervaringsdeskundigen van De Kentering geven regelmatig voorlichting over het omgaan met een psychische aandoening. Onlangs gaven wij een presentatie bij een kennismarkt bij de Hogeschool Arnhem Nijmegen voor wijkverpleegkundigen en studenten.

Het thema van de kennismarkt was “psychiatrie in de wijk”. Wijkverpleegkundigen komen sinds de transities in het sociaal domein steeds vaker bij mensen thuis die psychische klachten hebben. De vraag aan ons was of wij in dit kader iets wilden vertellen over omgaan met mensen met psychische problemen en onze eigen ervaringen met wonen in de wijk.

De dagvoorzitters
De dagvoorzitters

We begonnen met een voorstelrondje, waarbij we iets vertelden over onze ervaringen met het hebben van een psychische aandoening en onze werkzaamheden bij De Kentering. Daarna gingen we in op de vragen die we van de organisatie hadden gekregen ter voorbereiding. Eén van deze vragen was hoe wij wonen in de wijk ervaren. We vertelden dat mensen een ernstige psychiatrische aandoening vaak een laag inkomen hebben en doorgaans in goedkopere woningen wonen. Daarbij is er een kans om in wijken terecht te komen waar wat meer risico is op overlast. En dat terwijl mensen met een psychische kwetsbaarheid juist een grotere behoefte hebben aan een rustige, veilige woonomgeving met weinig prikkels. Een belangrijke vraag volgens ons is dan ook hoe je ervoor kunt zorgen dat mensen met een psychische aandoening met een laag inkomen toch in een prikkelarme en veilige omgeving kunnen wonen.

Een ander aspect is dat mensen met een psychische aandoening soms als een vreemde eend in de bijt worden beschouwd door buren. Daarom moet je soms voorzichtig zijn met openheid geven. Te snel openheid geven kan het risico meebrengen dat buren je raar aan gaan kijken. Andersom kunnen buren die je goed kent en vertrouwt ook een bron zijn van steun en een luisterend oor bieden.

We hadden nog als tip voor de wijkverpleegkundigen om in het cliëntcontact vooral de mens centraal te stellen, en niet de aandoening. Sommige hulpverleners zijn geneigd om cliënten te behandelen als een “hulpeloze patiënt”, in plaats van iemand met talenten en mogelijkheden. We vertelden over onze ervaringen met het hebben van hulpverleners die hun cliënt zagen als een “diagnose op pootjes”, in plaats van een mens van vlees en bloed. Daarom is het belangrijk om je als hulpverlener gelijkwaardig op te stellen en niet te veel afstand te scheppen tussen jou en je cliënt.

Onze boodschap werd met enthousiasme ontvangen door de wijkverpleegkundigen. Nu maar hopen dat ze het ook in de praktijk gaan waarmaken.

foto van De Kentering.
Job en Saskia

Na afloop van de presentatie kregen we veel complimenten van het publiek. De mensen vonden het erg interessant om onze persoonlijke ervaringen te horen. Dit bood een grote meerwaarde ten opzichte van de andere presentaties op de kennismarkt.

Job & Saskia

Nieuw project van start om psychisch kwetsbare mensen te ondersteunen

Onlangs is in Nijmegen en Rivierenland een nieuw project gestart om mensen met een psychische kwetsbaarheid te ondersteunen. Het belangrijkste doel is het ontwikkelen en uitvoeren van beleid om de toename van mensen met verward gedrag terug te dringen. Bij het project zijn onder andere gemeenten betrokken, Pro Persona, zorgverzekeraars, ervaringsdeskundigen en het Openbaar Ministerie.

Twee speerpunten van het project zijn netwerkontwikkeling (“aandachtig aansluiten”) en crisisinterventies (“spoedig dichtbij”).

“Aandachtig aansluiten” is gericht op preventie en gaat om het opbouwen van een sluitend netwerk van zorg en ondersteuning rondom mensen met een psychische kwetsbaarheid. Eén van de nieuwe elementen hierin is het organiseren van signaalpunten in de wijk. Hier kunnen mensen terecht met signalen over bijvoorbeeld een buurman die verward gedrag vertoont, maar ook psychisch kwetsbare mensen zelf. Verder wordt ingezet op betere samenwerking tussen betrokken partners, zoals wijkagenten, woningcorporaties, sociale wijkteams, FACT-teams en de huisarts. Regievoering is ook een belangrijk onderdeel van netwerkontwikkeling: wie neemt het initiatief als iemand in een crisis belandt? De psychiater, huisarts, of iemand van het sociaal wijkteam? Daarnaast wordt gepleit voor standaard gebruik van de crisiskaart. Dit is een pasje dat iemand altijd bij zich heeft, waarop staat wat omstanders kunnen doen als hij of zij op straat in een crisis terecht komt – bijvoorbeeld wie ze kunnen bellen.

Bij het tweede speerpunt, “spoedig dichtbij”, draait het om welke acties moeten worden ondernomen als iemand in een crisissituatie verkeerd. Waar wordt iemand naartoe gebracht, en hoe? Het project voorziet in een zogenaamde multidisciplinaire beoordelingskamer, één in Nijmegen en één in Rivierenland. Daar worden mensen naartoe gebracht en beoordeeld door zorgverleners uit diverse disciplines (bij verward gedrag hoeft het niet perse te gaan om psychische aandoeningen). Daarnaast moet er een passende wijze van vervoer komen. In sommige regio’s in Nederland wordt al gebruik gemaakt van een “psycholance”: een aangepaste ambulance met gespecialiseerde verpleegkundigen. Het voordeel hiervan is dat het voor de cliënt minder stigmatiserend en traumatiserend is om in vervoerd te worden dan in een politiewagen. Tot slot voorziet het project in een nieuw te vormen interventieteam, waarin ervaringsdeskundigen samen met andere hulpverleners mensen in een crisissituatie opzoeken.

Het is de bedoeling dat in de komende twee jaar bovenstaande plannen in de praktijk worden gebracht. Indien ze voldoende effect hebben, worden ze ook op de lange termijn ingezet.

Veel haken en ogen aan nieuw wetsvoorstel voor dwangzorg

Onlangs heeft de Tweede Kamer gedebatteerd over het wetsvoorstel verplichte ggz. In het kort komt dit wetsvoorstel erop neer dat de mogelijkheden, om psychisch zieke mensen dwangzorg te geven, verruimd worden.

Eén van de meest omstreden maatregelen in het wetsvoorstel was de observatiemaatregel. Die houdt in dat iemand met psychische problemen, die mogelijk een gevaar vormt voor zichzelf of zijn omgeving, drie dagen ter observatie kan worden opgenomen. Zonder dat er behandeling plaats vindt. Maar veel partijen – waaronder de Pvda – waren bang dat hierdoor te snel mensen, die geen gevaar zijn voor anderen maar wel afwijkend gedrag vertonen, opgenomen zouden worden. Uiteindelijk was een Kamermeerderheid voor schrappen van de observatiemaatregel. 

Een ander heikel punt voor belangenorganisaties is het nieuwe criterium waaronder dwangzorg verleend kan worden. In de huidige wet kan iemand pas gedwongen worden opgenomen als hij of zij een gevaar vormt voor zichzelf of anderen, en dit gevaar wordt veroorzaakt door een psychische aandoening. In het nieuwe wetsvoorstel wordt niet langer over ‘gevaar’ gesproken, maar over ‘ernstig nadeel’. Als iemand zichzelf of anderen ernstig nadeel toebrengt, ten gevolge van een psychische aandoening, kan hij dwangzorg krijgen. Belangenclubs als het Landelijk Platform GGZ zijn bang dat dit nieuwe criterium te ruim is. Het zou bijvoorbeeld in de toekomst dan mogelijk zijn dat iemand, die zijn woning laat verslonzen maar geen direct gevaar vormt, ook dwangzorg krijgt.

Tot slot staat de positie van de geneesheer-directeur ter discussie. Deze krijgt in het wetsvoorstel als taak om de rechter te adviseren over dwangzorg. De vraag is echter of de geneesheer-directeur een voldoende onafhankelijke positie heeft, aangezien hij in dienst is van een zorgaanbieder (dezelfde zorgaanbieder die dwangzorg gaat toepassen).

Op 14 februari wordt gestemd over het wetsvoorstel.

Gezocht: regiocoördinator Anoiksis Nijmegen

522318_227778337322816_1563267610_n

Wij zijn op zoek naar een nieuwe regiocoördinator in Nijmegen voor Anoiksis, de Nederlandse vereniging voor mensen met psychosegevoeligheid. De regiocoördinator organiseert ongeveer eens in de twee maanden een bijeenkomst voor leden van Anoiksis in de regio Nijmegen. Deze kan bestaan uit een etentje, een wandeling, een film kijken of – als het mooi weer is – midgetgolfen. Je gaat werken met een leuke groep mensen die al geruime tijd bij elkaar komt. Persoonlijke ervaring met psychosegevoeligheid is geen vereiste, wel affiniteit met de doelgroep. Als je handig bent in het organiseren van dingen is dat mooi meegenomen, maar houden van een goede sfeer is net zo belangrijk. Het gaat niet om een betaalde baan, je krijgt wel een onkostenvergoeding.

Wil je meer weten of heb je interesse? Mail dan met Mirjam van der Heijden: mavdheijden@kpnmail.nl

Waarom ik grappen maak over schizofrenie

Door: Lerrie Grooten

In 2012 kreeg ik de diagnose schizofrenie nadat ik twee psychoses had gehad en in totaal meer dan een half jaar psychotisch was geweest. Ik was flink achteruitgegaan in mijn functioneren en er werd gezegd dat ik 20% kans had op een volgende psychose.

In eerste instantie schrok ik me rot van de diagnose. Ik moest meteen denken aan Tristan van der Vlis die ook schizofrenie had en die een tijdje daarvoor in een winkelcentrum mensen had doodgeschoten. Gelukkig nam mijn psychiater ruim de tijd om met mij over de diagnose te praten en zakte dat schrikbeeld wat weg.

Daarna ben ik op advies van een kennis veel informatie gaan zoeken over schizofrenie. Ik las boeken en bekeek filmpjes op de site van patiëntenvereniging Anoiksis. Dat hielp mij begrijpen wat schizofrenie inhoudt en wat de perspectieven zijn. Ik leerde dat er veel verschillen zijn tussen mensen met schizofrenie en dat je wel een stapje terug moet doen, maar dat er nog best wel wat mogelijk is.

Ik werd 100% arbeidsongeschikt verklaard en kreeg een Wajong-uitkering. Daardoor hoefde ik mij minder druk te maken over mijn financiën en kon ik in aangepast tempo proberen mijn studie sociologie af te maken.

 

Begin 2016 hoop ik mijn master sociologie te behalen

Daarna ga ik een paar dagdelen in de week vrijwilligerswerk doen; daar heb ik heel veel zin in. Met mijn familie, vrienden en mensen van mijn sportclubs ben ik in gesprek gegaan over schizofrenie. Al snel ontdekte ik dat er weinig stigma was in mijn omgeving en dat mensen heel begripvol en tolerant waren over schizofrenie en mijn arbeidsongeschiktheid. Ik had vooral last van zelfstigma, maar ook dat is langzaam verdwenen, onder andere door regelmatig yoga te beoefenen.

Ik kreeg een goede behandeling bij de ggz en ik deed een bepaalde visualisatiemeditatie om negatieve ervaringen uit het verleden te verwerken. Deze vorm van meditatie lijkt wel op een techniek die wordt gebruikt in de psychologie om trauma’s te verwerken: EMDR.

Natuurlijk ging het niet altijd makkelijk

Ik heb ook met onbegrip te maken gehad en ik ben ooit niet aangenomen voor vrijwilligerswerk vanwege mijn diagnose. Maar dit waren slechts incidenten. Mensen reageerden vooral prettig en dat maakte het voor mij makkelijker om het te accepteren.

Sinds juni 2015 maak ik grappen over schizofrenie

In de documentaire Angst, van vijand naar vriend zag ik dat het goed is als je om je angst kunt lachen. Eigenlijk zou je je angst moeten uitlachen.

Tulku Thondup schrijft in het boek Helende Meditatie dat je je ziekte moet zien als een kans. Psychiater en filosoof Damiaan Denys zei in het tv programma Zomergasten ook dat je moest lachen om je angst omdat dit helpt je ziekte beter te accepteren en er positiever naar te kijken.

Deze dingen vormden voor mij de aanleiding om grappen te verzamelen over schizofrenie. Inmiddels heb ik zo’n 22 grappen verzameld en lach ik er samen om met met heel veel mensen in mijn omgeving.

Samen lachen we schizofrenie uit

Schizofrenie is een inspiratiebron voor grappen geworden voor mij. Daardoor ben ik positiever gaan denken over schizofrenie. Als ik nu aan het woord ‘schizofrenie’ denk, dan komt het woord ‘ziekte’ pas als 65ste woord in me op. Eerst komen er positieve woorden in me op, zoals: ‘kans’, ‘gaaf’ of ‘humor’.

Ik wil volgend jaar zelfs een cursus cabaretteksten schrijven gaan volgen en dan grappen gaan maken over mijn psychoses, arbeidsongeschiktheid en schizofrenie, zodat ik daar ook positiever naar kan leren kijken.

Ik heb van schizofrenie een kans gemaakt. Als dát niet grappig is!