Inspraak van De Kentering op beleidsnota ‘Kracht door Verbinding’

Begeleiding zoals bijvoorbeeld de RIBW en Woonzorgnet die geven zal op termijn overgeheveld worden naar de gemeente. Op 4 september sprak de gemeenteraad van Nijmegen op haar Politieke Avond (zo worden de raadsbijeenkomsten genoemd) over ‘Kracht door Verbinding’. In deze nota schetst het gemeentebestuur hoe ze de overgang  vorm wil gaan geven. Kern van het nieuwe beleid zal zijn dat gepoogd wordt de eigen regie van de cliënt te versterken. Dit houdt in dat iemand die zorg of ondersteuning nodig heeft, eerst een beroep moet doen op zijn of haar eigen sociale netwerk. Pas als inzet van het eigen netwerk niet mogelijk is, kan een cliënt aanspraak maken op professionele ondersteuning. 

Vincent van Dongen van De Kentering liet tijdens de politieke avond zijn standpunt hierover horen, om te illustreren wat zelfregie betekent vanuit het perspectief van mensen met een psychiatrische problematiek èn waarom het voor mensen van belang kan zijn, door een professional ondersteund te worden in het voeren van een huishouding.

Bij deze een samenvatting van zijn inspraak:

“ Als organisatie met oog voor de belangen van mensen met psychiatrische problematiek zijn wij voorstander van zelfregie. Daarom zien we graag dat het voor psychisch kwetsbare burgers mogelijk is een keuze te kunnen maken voor de ondersteuning, die je nodig hebt om je staande te houden en te werken aan verbetering van de kwaliteit van je eigen leven.  Deze zelfregie moet wat ons betreft ook kunnen betekenen dat iemand hierbij kiest voor individuele professionele ondersteuning.”

“Volgens de gemeente is er in het voorgenomen beleid sprake van zelfregie omdat, zo zegt zij  “voor elk aanbod van zorg en ondersteuning aan een cliënt geldt dat deze in samenspraak met de cliënt is vastgesteld”. Dat is echter alleen dan waar, als de uitkomst van deze samenspraak ook de keuze is die de cliënt zelf wil maken. De gemeente werpt voor deze keuze een barrière op, doordat er altijd eerst gestreefd wordt naar inzet van het eigen netwerk.”

Vincent van Dongen stelt dat wat mogelijk is, wat anders kan betekenen dan wat wenselijk is. Hij stelt dat “het gevaar is dat gelijkwaardige vriendschapsrelaties ongelijkwaardige hulpverlenersrelaties worden. Dat vriendschappen zo onder druk kunnen komen te staan, dat mensen hun vrienden verliezen, als vriendschapscontacten poetscontacten worden.”

Vincent heeft hier zijn eigen situatie geschetst, van een hulp die helpt het huis schoon en netjes te houden, omdat ook kleine alledaagse handelingen veel energie kunnen kosten. Zijn psychische handicap maakt dat gewone zaken met veel impact binnen kunnen komen. Zijn vrienden zijn hem tot steun door eet- en wandelafspraken. Die vrienden vinden samen eten en wandelen ook leuk, dus het zijn gelijkwaardige contacten. Vincent vind het geen fijn idee, maar zijn vrienden ook niet, als die zijn douche moeten schoonmaken, “het is vernederend en ongelijkwaardig als een vriend je toilet moet poetsen.”

Door een professionele poetshulp voelt Vincent zich zelfredzaam, houdt hij energie over voor zijn vrijwilligerswerk bij De Kentering. Maar het voelt afhankelijk als vriendschappelijke afspraken plaats maken voor poetsafspraken. En hoe lang houdt vriendschap stand, als vriendschap poetsen betekent in plaats van tijd en energie hebben voor elkaar? Dus welke invulling geven de regiogemeenten aan het woord ‘mogelijk’ in het kijken naar de mogelijkheden van het eigen netwerk? Volgens Vincent moet de vraag in het gesprek niet zijn of inzet van het eigen netwerk mogelijk is, maar of deze inzet wenselijk is.

Reageer op dit artikel

avatar
Scroll to Top